Oprispingen
editie 97-21
door Adrie van Geffen
Vrieskou, regen, wind, gevoelstemperatuur onder nul, donker als je opstaat, donker als je thuiskomt. De verwachting voor morgen: een algehele depressie. Ziedaar de kenmerken van de feestelijkste tijd van het jaar. Dit jaar ben ik verheven tot columnist, dus bijna vanzelfsprekend zie ik mij verplicht van mijn gruwelen rondom kerst en nieuwjaar kond te doen. Gevoelsmatig moet ik daarmee Hans Dorrestijn doen verbleken.
U heeft natuurlijk geen zin in een potje gescheld op wat er allemaal mis ging dit jaar. Zoals mijn internetprovider, GlobalXS, die er voor zorg droeg dat zeker de afgelopen weken mijn homepage nauwelijks te bereiken was. Niet dat daar veel te beleven viel, want door een aanslag van spit was ik volstrekt niet in staat ook maar één restaurant te bezoeken. Of wat te denken van het te verwachten koud buffet ter nieuwjaarsviering bij gastheer du moment Pietje Bell. Om plotselinge dringende redenen is hiervan alsnog afgezien, is mij verteld. Maar ik heb het stiekeme vermoeden dat het wel doorgaat, doch dat mij wegens een openhartig geschrift een ontnodiging heeft verstrekt. Ik zal ook maar niet uitweiden over mijn kennisprovider waar ik onlangs een cursus heb gevolgd die ik beter zelf (of zelf beter) had kunnen geven. Ook wil ik het niet hebben over mijn broodprovider, die het, naar het er nu naar uitziet, niet nodig acht tevens beleg te verstrekken. Op mijn oproep aan beleggers om kontakt met mij op te nemen is ook door niemand gereageerd. Zo ontbeer ik ook nog steeds, nu al twee jaar, een uitnodiging van een menuprovider om zijn/haar restaurant van een bespreking met waardering te voorzien. Je vraagt je af of Nederland wel zo corrupt is als ons altijd is beloofd. Ik doe mijn best, maar het wil maar niet lukken. Dat dus ook al niet. En dan heb ik het alleen nog maar over de afgelopen maand.
De winkels gaan dicht, de restaurants zijn reeds lang gereserveerd, iedereen gaat bij iedereen op visite, drank vloeit in ruime mate. Ik sluit mij op met een goed boek en een zak chips. Bekijk het allemaal maar. "Gezelligheid", ze kunnen me wat. In mijn huis geen kerstboom. Dat is het summum van bloemen in een vaas. Je zet iets neer waarvan je weet dat het daardoor een zekere dood zal sterven. Ik ga me niet nog eens met stervende of dode organismen omringen. Alsof je daar zo opgewekt van wordt. Even voor me houden wat ik van de mensen denk die dat juist zo gezellig vinden.. Een plastic surrogaat zet ik ook niet neer. Dat is zoiets als een namaak-bontjas aantrekken (inmiddels weer echte, want iedereen denkt toch dat het nep is). Daarentegen versier ik mijn computer wel. Die zet ik de hele dag aan met een screensaver van een open haard.
Het boek moet ik nog uitzoeken. Sinterklaas heb ik niet gezien en ik vermoed dat ook de kerstman niet de weg weet door mijn centrale verwarming. Maar het wordt wel een dik boek, met spannende verhalen. Van meisjes die met kerstmis in de sneeuw liggen te verkommeren en verkleumen omdat de zwavelstokjes op zijn, of zoiets. Gezellig. En natuurlijk veel televisie kijken. De ene kerstfilm na de andere. Oh, oh, oh, wat verheug ik mij.
Het gaat erom dat je je met kerst thuis voelt en geborgen. Ik bezie dat vanaf de zijlijn. Kennelijk hoor ik daar thuis. Mocht u denken van niet, laat ik u verzekeren dat ik me er na zoveel jaren beter thuisvoel dan elders. Laat de zwerver zwerven, de drinkers drinken, de zuipers zuipen, de vreters vreten, de zangers zingen, de directeuren dirigeren, de dirigenten met een stokje laten zwaaien. Zoals blijkt heb ik geen boodschap aan kerst, maar wel een kerstboodschap: laat iedereen in zijn eigen waarde, (wat in deze moderne tijd uitgelegd schijnt te moeten worden als: laat iedereen in zijn eigen sop gaar koken).
|