Oprispingen
editie 98-01
door Adrie van Geffen
Nog even dooreten en dan ben ik ervan af. Zoals elk jaar neem ik me voor geen oliebollen meer te bakken, maar als het einde van het jaar nadert, dan kan ik het weer niet laten. Mezelf overtuigend door de prijzen en de kwaliteitstesten door kranten van de "Oud-hollandsche Gebakkramen" laat ik het huis hullen in een vette baklucht en bak mij te pletter. Altijd teveel, dus ontbijt, lunch en maaltijd bestaan gedurende een dag of vier uit oliebollen met hier en daar een appelflap. En als u denkt dat het leed al geleden is op het moment dat u dit leest, besef dan dat er nog een periode is waarin ik alle gebakken bloem ook weer buiten moet zetten.
Dat doet me eraan herinneren dat ik nu toch eindelijk in het toilet een leesplankje moet maken. En ook de verlichting moet beter. Hiermee bedoel ik dus het lampwerk, niet de verlichting waarvoor de ruimte eigenlijk bestemd is. Kortom de goede voornemens steken hun kop weeer op. Dat er geen reet van terecht komt hindert niet, dan heb je tenminste nog wat over voor het volgend jaar. Met het verbranden van de kerstboom, het laten knallen van vuurwerk dat tot niets leidt, is symbolisch dat wat achter ons ligt verbrand. Maar er komt alweer een jaar aan. Al voordat Emile Ratelband als Amerikaanse televisiedominee zijn boerenwijsheid ging verkopen was een ieder er al lang achter dat een leven zonder plannen, durf en moed niks is. Met oudjaar vergeet je wat geweest is en komen de voornemens. En die moeten ook altijd goed zijn, hoewel dat natuurlijk relatief is.
Zo rep ik er al een tijdje op deze, maar ook andere, plaats van dat ik weer eens toe ben aan iets nieuws, met name een andere werkomgeving. Mocht ik tot het besluit komen, wat gelet mijn stemming na al dit feestgedruis - na de oliebollen kan ik daarbij beter spreken van veestgedruis - niet geheel onwaarschijnlijk is, mijzelf te bekwamen in diefstal of moord, dan is een goed voornemen voor mij iets volstrekt anders dan voor anderen. Maar net als zoveel andere voornemens, zoals ik mij al jaren voorneem de lotto te winnen, zal ook hier niet veel van terecht komen. Daar ben ik veel te schijterig voor, zoals ik zojuist heb vermeld.
"Formuleer een kort en krachtig motto, een slogan, en extraheer hieruit operationele doelstellingen, waarin concreet vastligt het wat, wie en wanneer opdat met deze creteria in de hand een evaluatie mogelijk wordt gemaakt." Of iets dergelijks. Nu eens niet het oliebollige "Ik stop nu met roken", want de doelstelling moet wel haalbaar zijn. Ook "komend jaar drink ik wat minder" is bij deze terstond afgewezen, want dit heeft geen hard toetsbaar criterium in de zin van hoeveelheid. Daarbij zou bijgehouden moeten zijn hoeveel er het afgelopen jaar is gedronken, en dat is niet gebeurd omdat er teveel is gedronken. Mocht er al een telling zijn, dan deugt ie met grote waarschijnlijkheid van geen kanten. In de opleiding leert de arts dat het antwoord op de vraag "Hoeveel drinkt u per week?" zonder aanzien des persoons minimaal verdubbeld dient te worden.
 Laat ik er dan nu maar eentje neerzetten: "Gedurende 1998 bezoek ik minimaal 25 restaurants en schrijf hierover een recensie op mijn homepage".
 Nog maar een in dezelfde orde van grootte: "In de loop van 1998 schrijf ik minimaal 25 columns welke worden geplaatst op de gastpagina van Pietje Bell".
Er moet wel aan een aantal randvoorwaarden worden voldaan, zoals naast mijn eigen gezondheid ook die van mijn internetprovider en Pietje Bell. Daarover kom ik een volgende keer terug als ik het mahjong-orakel heb geraadpleegd (en heb uitgezocht wanneer nu eigenlijk het Chinese Nieuwjaar begint: wie het weet mag het schrijven).
Het is allemaal niet zo moeilijk. Het is die afrekening aan het eind van het jaar, hè. Maar voor alle zekerheid blijf ik er met alle macht naar streven de lotto te winnen. Het is misschien geen operationele doelstelling, maar dat zal me aan mijn oliebol roesten.
|